Training

Een schaatstraining op het ijs is natuurlijk  de beste training om je schaatstechniek te verbeteren.
Omdat een goede balans op de schaats een ‘must’ is om de schaatstechniek onder de knie te krijgen, beginnen we met een paragraaf balansoefeningen. In de daaropvolgende paragraaf vind je schaats-specifieke oefeningen en traininingsvormen ter ondersteuning van sommige techniek-aanwijzingen.

Ook in een periode dat er geen ijs is, kun je werken aan je balans en kun je schaats-specifiek trainen, bijvoorbeeld op het ‘droge’ (veld of zaal), op de schaatsplank of op skeelers.
Met betrekking tot de schaatstechniek hebben zowel de droogtraining als het gebruik van de schaatsplank hun beperkingen.

Beperkingen buiten het ijs

Op één enkel moment na heeft een schaatser het lichaamszwaartepunt tijdens het schaatsen altijd aan de buitenkant van één van beide benen:  57.001

Figuur 1. Aan de buitenkant van het afzetbeen  (‘overkomen’), gelijktijdig met een deel van de zijwaartse bijhaal.

 

58.001

Figuur 2. Aan de buitenkant van het bijhaalbeen, gelijktijdig met de ‘val’.

59.001

Figuur 3. Aan de buitenkant van het inzetbeen, gelijktijdig met de strekking van het afzetbeen.  

Terwijl het lichaamszwaartepunt zich aan de buitenkant van één van beide benen bevindt, is het op het ijs mogelijk je al rijdende staande te houden. Buiten het ijs is dat over het algemeen niet mogelijk, tenzij je je net op tijd kunt opvangen. Dit legt beperkingen op aan het nabootsen van de schaatsbeweging buiten het ijs.

In afzonderlijke paragrafen gaan we na welke elementen van de schaatsbeweging overblijven om schaats-specifiek te kunnen trainen op het droge en op de plank, ondanks de beperkingen.

Tot slot volgt nog een paragraaf foutenanalyse.

Naar paragraaf balansoefeningen.